Rwanda behoort met ruim 8 miljoen inwoners tot de dichtst bevolkte landen van Afrika en van de wereld. Juist daarom kom je hier dus overal en altijd mensen tegen. Als je de stad uitgaat heb je dan ook nooit het idee in the middle of nowhere te verkeren. Langs de weg lopen altijd mensen of staan huisjes.
De - voor het overgrote deel rurale - bevolking leeft verspreid over de talloze heuvels. Rwanda heet dan ook niet voor niets land van de 1000 heuvels. Met uitzondering van Lake Kivu heb ik hier nog geen strakke horizon gezien. Het land heeft vijf provicies, noord, oost, west, zuid en centraal, da’s makkelijk voor de kinderen op school bij aardrijkskunde les. Die Provincies zijn ingedeeld in districten en steden. Dat zijn er dan wel weer zo'n 110, lastig voor de kinderen op school met de aardrijkskunde les. Ieder district of stad heeft een burgemeester aan het hoofd. De gemeenten zijn op hun beurt weer verdeeld in sectoren met sectorhoofden. Die sectoren zijn vervolgens weer in cellen of 'Cellules' verdeeld. Dat zijn dan de kleinste bestuurseenheden, gehuchten, buurtschappen of slechts een deel daarvan.
De hele Rwandese samenleving is op die manier als een piramide hiërarchisch ingericht. Decentraal bestuur hoort in het beleid van de Rwandese regering om de bevolking meer bij het bestuur en de ontwikkeling van het land te betrekken. Mede door de dichte bevolking en de structuur van het bestuur kent dit land een hoge graad van sociale controle. Nu begrijp ik ook waarom iedereen iedereen kent, Rwanda is wat dat betreft een dorp. Voordeel van die sociale controle is dat er vrijwel geen criminaliteit is.
Wat weetjes over dit land
In Rwanda zijn plastic tasjes bij de wet verboden. In de supermarkt gaat alles in papieren zakken. Bij vertrek vanaf Brussel airport werd mij al gevraagd of ik plastic tasjes in de koffer heb zitten, die mocht ik daar dan nog even achterlaten. Weten ze in België wel raad mee.
In tegenstelling tot andere Afrikaanse landen is handel op straat hier in Kigali verboden. In het centrum dus geen stalletjes met fruit en andere waren. Dat is allemaal geconcentreerd op daarvoor aangewezen markten. Enkele uitzonderingen van straathandel zijn de tijdschrift- en MTN telefoonkaart verkopers. Ook proberen ze me met regelmaat nog een kaart van het land of van Afrika te verkopen. Als ik aangeef geen interesse te hebben proberen ze het nog even met een poster van Obama. Maar ook die hoef ik niet aan m'n muur.
Iedere laatste zaterdag van de maand is het umuganda. De lokale bevolking is dan verplicht om gemeenschapswerk te doen; de buurt schoon maken, tuintjes opknappen en waar nodig de weg repareren. Niet meedoen betekent arrestatie en opsluiting. Winkels en markten zijn tijdens umuganda de hele ochtend gesloten en er is geen verkeer op straat.
Bij de pomp gooi je niet je tank vol, maar je tankt een afgepast bedrag; 15.000 of 20.000 Rwf. Dat stellen ze dan op de pomp in. Ik betwijfel of ze uberhaupt wel (klein) wisselgeld hebben. Heeft een tankstation vier pompen, dan hebben ze vier bediendes, voor iedere pomp één.
De grootste eenheid van het geld is het briefje van 5000 Rwandese frank, dat is ongeveer € 6,50. Je gaat hier dus al gauw met een dik pak geld over straat. Met een credit card begin je hier -op een enkele uitzondering bij een bank na- niks. Dus alles cash want pinnen bij een automaat met maestro logo kan je wel vergeten.
De Rwandese regering legde vorig jaar bij wet vast dat koppels niet meer dan drie kinderen mogen hebben: lees verder
Maar op meer kroost staan geen sancties. Op deze manier proberen ze wel de 2.5 % bevolkinsgroei in te perken. Iedere vierkante meter is in gebruik. Als er conflicten zijn dan gaat dat veelal over eigendom van stukjes grond, die conflicten beslechten ze dan in Gacaca's (spreek uit Cachacha). Daarover later meer...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten